Prunus serotina

Nederlands:
Amerikaanse vogelkers
Fran├žais:
Cerisier tardif (Cerisier noir)
English:
Black cherry
Deutsch:
Amerikanischer Schwarz-Kirsche
Familie:
Rosaceae
Areaal
Noord- en Midden-Amerika
Type
Loofboom
Groenblijvend of Blad-/naaldverliezend
Blad-/naaldverliezend
Boomgrootte
1e grootte B of Vormboom

15 - 20 m (tot 30 m in zijn herkomstgebied); bij ons doorgaans een grote struik die tot boom uitgroeit

  
Groeisnelheid
Snel Gemiddeld Traag
     

geen literatuurgegevens beschikbaar voor deze parameter, dit is een benadering

Levensduur
Korte levensduur Gemiddelde levensduur Lange levensduur
     
Korte levensduur = bomen met een climax bij 60-80 jaar
Gemiddelde levensduur = bomen met een climax bij 120-150 jaar
Lange levensduur = bomen met een climax bij meer dan 150 jaar

geen literatuurgegevens beschikbaar voor deze parameter, dit is een benadering

Kroonvorm
Ovaal

losse kroonvorm met overhangende twijgen

Kroonbreedte
< 3 meter 3-5 meter 5-10 meter 10-15 meter > 15 meter
         
Kroondichtheid
Dichte kroon,
donkere schaduw
Half open kroon Open kroon,
lichte schaduw
     
   
Onderscheidende determinatiekenmerken
Belangrijkste botanische kenmerken:

Blad
Tot 12 cm, ovaal, aan de top toegespitst, aan de voet afgerond tot wigvormig, glanzend donkergroen en iets leerachtig. Aan de bladonderzijde komt een gele tot roodbruine beharing langs beide zijden van de hoofdnerf voor; weinig opvallende nerven. De bladrand is gezaagd, de bladsteel heeft soms kliertjes, maar niet zo opvallend als bij de Zoete kers of de Vogelkers.

Bloeiwijze
Bloei in mei-juni, na het uitlopen van het blad. Witte bloemen in trossen.

Vrucht
Eetbare,glanzende, ronde kers, zwart bij rijpheid, de steen is glad en rond.

Twijgen en knoppen
De twijgen zijn glad en dun, groen tot roodbruin met vele lichtgekleurde lenticellen. De knoppen zijn eivormig toegespitst, bruin en glimmend. Bij kneuzing stinken de twijgen naar een blauwzuurverbinding, een onaangename amandelgeur.

Schors
Dun, donker paarsachtig, afschilferend in dunne plaatjes met omgekrulde rand, bij verwonding stinkend.

Onderscheid met Europese vogelkers (Prunus padus):
- glanzend, iets leerachtig blad
- sterkere geur